Overzicht tuchtrechtspraak deurwaarders juli t/m september 2019

Bron: André Moerman

13/10/2019 19:44 uur

Deurwaarders zijn onderworpen aan tuchtrechtspraak, uitgevoerd door de Kamer voor Gerechtsdeurwaarders en in hoger beroep door het Hof Amsterdam. Hierbij een selectie van uitspraken gepubliceerd in de maanden juli t/m september 2019.




Deurwaarder krijgt geldboete onder meer vanwege beslag op beheer- en leefgeldrekening

De bewindvoerder heeft een drietal klachten ingediend.
1. De deurwaarder heeft bij het loonbeslag de beslagvrije voet te laat aangepast. Berichten met een verzoek tot aanpassing van de beslagvrije voet dienen onverwijld te worden beantwoord. De deurwaarder heeft pas na ruim acht weken gereageerd op het verzoek tot aanpassing van de beslagvrije voet met terugwerkende kracht.
2. De deurwaarder heeft niet gereageerd op een verzoek om toelichting op de beslagvrije voet.
3. De deurwaarder heeft beslag op de beheer –en leefgeldrekening gelegd, terwijl de deurwaarder wist dat de rekening uitsluitend uit een bron werd gevoed waarvoor een beslagvrije voet van toepassing was. Klachten gegrond, maatregel een geldboete van € 500. >>>Uitspraak


Geen beslagvrij bedrag bij bankbeslag, geen info verstrekt
Klager verwijt de deurwaarder dat deze bankbeslag heeft gelegd waardoor zijn partner- en kinderalimentatie zijn getroffen. Dit kan het onder omstandigheden misbruik van recht opleveren, mits de door een bankbeslag bedragen worden getroffen die een deel uitmaken van het inkomen van de beslagene die verder gaan dan de toepasselijke beslagvrije voet.
Ter zitting is genoegzaam gebleken dat klager onvoldoende (dan wel niet alle) relevante gegevens over zijn inkomsten en vermogen heeft willen overleggen. Door die relevante gegevens onder de noemer “privéaangelegenheid” onder zich te houden heeft klager zichzelf berooft van de mogelijkheid zijn standpunt kracht bij te zetten. Elk nadelig gevolg moet dan ook voor rekening van klager zelf komen. Klacht ongegrond. >>>Uitspraak


Deurwaarder heeft extreem veel kosten gemaakt
Bij vonnis van 16 april 1998 is klager veroordeeld tot betaling van fl. 157,50. In dit geval gaat om een hoofdsom van (omgerekend) € 71,47, € 101,84 aan proceskosten en € 50,87 rente. De totale vordering (exclusief betekenings-en executiekosten) bedroeg dus € 224,18. Vast is komen te staan dat (medio 2017) de executiekosten € 3.444,71 bedroegen. Klager had (medio 2017) inmiddels al € 2.586,67 aan de gerechtsdeurwaarder betaald en was thans nog € 1.051,63 verschuldigd, aldus de gerechtsdeurwaarder. De executiekosten  zijn onevenredig hoog. De deurwaarder heeft beslagen onder bankinstellingen gelegd waar klager niet bankiert. Bovendien heeft de deurwaarder meerdere malen beslag op inboedel  aangekondigd, maar is (zonder af te melden) niet verschenen om daadwerkelijk beslag te leggen. Klachten gegrond. Maatregel: geldboete van € 2.500,00. >>>Uitspraak


Dreigen met beslag op inboedel zonder dit uit te voeren
Per brief wordt een beslag op inboedel aangekondigd, echter zonder datum en tijd te vermelden. Vervolgens is wel een datum aangekondigd maar is de deurwaarder twee keer niet verschenen zonder af te melden. Klacht op deze onderdelen gegrond. Klacht voor het overige ongegrond. Maatregel geldboete ad. € 1500. >>>Uitspraak


Inboedel ten onrechte in gerechtelijke bewaring genomen en schending privacy
De deurwaarder is belast met de tenuitvoerlegging van het vonnis. Daarmee is hij (tuchtrechtelijk) verantwoordelijk voor het gelegde inboedelbeslag, ook al heeft feitelijk een toegevoegd deurwaarder het beslag gelegd.
De deurwaarder heeft niet onderbouwd dat de gerechtelijke bewaring destijds redelijkerwijze noodzakelijk was voor het behoud van de zaken van klagers, zoals omschreven in voormeld artikel 446 Rv. Het is, gelet op de stelling van de deurwaarder ter zitting in hoger beroep, blijkbaar zelfs beleid van het kantoor van de deurwaarder dat bij elk gelegd inboedelbeslag de roerende zaken in gerechtelijke bewaring worden gegeven (mits deze voldoende waarde vertegenwoordigen). Het hof acht dit geen juiste handelwijze en tuchtrechtelijk verwijtbaar.

De klacht betreft tevens schending van privacy bij de vaststelling van de beslagvrije voet. De debiteur had informatie over de woonkosten niet compleet aangeleverd. Dit was voor de deurwaarder aanleiding om bij de verhuurder nader te informeren naar de juistheid van hetgeen de debiteur hem had medegedeeld. Het hof acht dit, evenals de kamer, in strijd met artikel 5 van de Verordening beroeps- en gedragsregels (geheimhouding) en artikel 7 lid 2 van de Gedragscode gerechtsdeurwaarders ter bescherming persoonsgegevens (verstrekking van gegevens). Hoewel het begrijpelijk is dat de deurwaarder duidelijkheid wilde hebben over de woonkosten, had hij dit op een andere wijze moeten bewerkstelligen, bijvoorbeeld door bij de debiteur zelf een verklaring van de verhuurder op te vragen over hun woonsituatie/kosten.Dit klachtonderdeel is, zoals ook de kamer heeft geoordeeld, gegrond. Maatregel: berisping. >>>Uitspraak


Onnodig kosten door meerdere beslagen te leggen en overbetekening niet samen te voegen
De deurwaarder heeft op twee onroerende zaken en een bankrekening beslag gelegd. Het hof stelt voorop dat een schuldenaar op grond van artikel 3:276 BW met zijn hele vermogen in staat voor betaling van de vordering. Het staat de deurwaarder in beginsel dan ook vrij om op grond van artikel 435 Rv beslag te leggen op alle voor beslag vatbare goederen van de schuldenaar. Dit betekent echter niet dat er geen beperkingen zijn aan het leggen van beslag. De deurwaarder dient zich terughoudend op te stellen ten aanzien van het leggen van meer dan een beslag, aangezien dat extra kosten voor een schuldenaar met zich brengt. Voor het leggen van meer beslagen zal daarom een goede reden moeten bestaan, hetgeen van geval tot geval dient te worden beoordeeld.
Uit het gehele dossier blijkt dat klagers niet onwillig waren te voldoen aan de veroordeling in het vonnis, maar in onzekerheid verkeerden over de exacte hoogte van het door hen te betalen bedrag. Daarnaast was - gelet op het relatief beperkte verschuldigde restbedrag - het risico voor de opdrachtgever dat de vordering niet binnen afzienbare tijd zou worden betaald, bijzonder gering. De deurwaarder had kunnen volstaan met een enkelvoudig bankbeslag. Bovendien had de deurwaarder de gelegde beslagen bij één exploit kunnen betekenen. Op basis van vaste tuchtrechtspraak geldt immers dat als ambtshandelingen bij één exploot kunnen worden gedaan, zij in beginsel ook bij één exploot dienen te worden gedaan. Ook dit klachtonderdeel acht het hof, evenals de kamer, daarom gegrond. Maatregel berisping. >>>Uitspraak


Niet verstrekken van betekeningsexploten bankbeslagen
Klager heeft meermalen om betekeningsexploten verzocht, de klacht ziet ook op het ontbreken van betekeningsexploten, maar ten aanzien van de gelegde bankbeslagen zijn deze pas na de zitting overgelegd, nadat de voorzitter van de kamer de gemachtigde van de gerechtsdeurwaarders hiertoe alsnog in de gelegenheid heeft gesteld. Klacht gegrond. Maatregel geldboete ad. € 1000. >>>Uitspraak


Meer informatie
- Overzichten tuchtrechtspraak deurwaarders
- Website tuchtrechtspraak


Reageren?
- Reageer via schuldinfo op LinkedIn


« Nieuwsoverzicht